The Royal Wind Music staat vrijdag 7 oktober garant voor een stormachtige start van een nieuw concertseizoen in de Slotkapel in Egmond aan den Hoef. Het internationaal toonaangevende ensemble bestaat uit dertien musici uit acht verschillende landen en speelt op een instrumentarium van 45 renaissanceblokfluiten, variërend van een vijftien centimeter kleine sopranino tot een drie meter lange subcontrabasblokfluit.
Het ensemble, in 1997 opgericht door Paul Leenhouts, specialiseert zich in muziek uit de periode 1520 tot 1640 en combineert nieuw ontdekte werken met bekender repertoire. In Egmond presenteert het gezelschap haar nieuwe programma Sweete Musicke of Sundrie Kindes, met daarin veel Engelse consort muziek uit de zestiende en zeventiende eeuw van componisten als John Dowland, William Byrd en Anthony Holborne.
“Consort muziek, oftewel meerstemmige instrumentale muziek, is één van de specialiteiten van Engelse componisten rond 1600. Deze bloeiperiode van de consort muziek vindt zijn wortels aan het hof van koning Henry VIII, die naast jagen en het trouwen, scheiden en onthoofden van echtgenotes nog een grote liefhebberij had: de muziek. Naar Italiaans voorbeeld introduceerde hij in Engeland het gebruik van complete sets van één en dezelfde instrumentenfamilie. Aan het einde van zijn leven bezat hij maar liefst 76 blokfluiten, waaronder een aantal ivoren exemplaren en een contrabasblokfluit zoals ook The Royal Wind Music er een aantal heeft. In 1540 contracteert Henry VIII de meest vermaarde leden van de Venetiaanse blokfluitistenfamilie Bassano en benoemt hen tot The King's Minstrels.”
Het Engelse muziekleven na 1800 gold als een van het meest briljante van Europa. In de ontwikkeling van zowel de piano als de strijkers werden enorme stappen gemaakt en het publiek kreeg geen genoeg van de grote sterren die allemaal vroeger of later in Londen hun opwachting maakten. Engeland was een van de landen waar de cello al vroeg tot ontwikkeling kwam. De Italianen noemde het instrument zelfs "Violoncello all'Inglese". Toch kwam de beroemdste cellist van de negentiende eeuw die in Londen woonde, oorspronkelijk uit Italië: Alfredo Piatti, die ook wel de Paganini van de cello werd genoemd. Hij was goed bevriend met William Sterndale Bennett, de “Engelse Schumann” en decennialang de belangrijkste Engelse componist. George Onslow, die ook cello speelde, beschreef in zijn kwintet met twee celli “The Bullet” hoe hij tijdens een jachtpartij per ongeluk werd neergeschoten. John Field en Ferdinand Ries stonden aan de wieg van de Engelse romantiek.
Het Noord Hollands Blazers Ensemble (NHBE) is begin 2011 opgericht door een groep enthousiaste professionele musici. In 2010 heeft deze groep in ongeveer gelijke bezetting aan verschillende projecten deelgenomen, deze muzikale samenwerking beviel zeer goed.
Tijdens dit bijzondere concert zullen de beroemde Nederlandse traverso speler Marten Root en klavecinist Menno van Delft de muzikale degens kruizen. Zij beginnen hun muzikale reis in de 16e eeuw met werken van onder meer Antonio de Cabézon, hofcomponist aan het Spaanse Hof van Karel V. De Cabézon werd in 1539 belast met de muzikale opleiding van zoon Felipe, de latere Koning Filips II. U weet wel, die Koning die de Hertog van Alva de opdracht gaf om de laatste graaf van Egmond, Lamoraal, een kopje kleiner te maken. Laten we hopen dat deze muziek de in de kapel begraven Van Egmonds niet te veel zal onthutsen. Om alles weer enigszins in balans te trekken hoort u tijdens het concert ook muziek van onze eigen Jan Pieterszn. Sweelinck. Het is lang geleden dat de Hollanders en de Spanjaarden elkaar op Egmonds grondgebied tegenkwamen. Na de pauze is het woord aan vader Bach van wie onder andere de beroemde b klein Sonate zal worden vertolkt.
Om vast in de stemming te komen, klik hier!
Gudrun Herb en Baldrick Deerenberg blokfluitenFrank Wakelkamp viola da gamba en barokcello
Handschriften van werken uit de Ars Subtilior (rond 1400) zijn vaker uitgevoerd in prachtig beeldende vormen. Een schitterende voorbeeld hiervan is het liefdeslied Belle Bonne van Baude Cordier, dat in de vorm van een hart is genoteerd. Jacob Senleches noteert zijn La Harpe de mélodie in de vorm van een harp. De ogen mogen meegenieten.
Bij de middeleeuwse liederen gaat het dan om de hoofse liefde: de zanger toont zich opgetogen over de verblindende schoonheid van zijn meestal onbereikbare geliefde, hij is in het diepst van zijn hart gewond.
Er werd natuurlijk ook gedanst. Steeds meer krijgt de dansvloer de functie van een huwelijksmarkt, waarbij het speelse element een belangrijke rol speelt: Er wordt achter elkaar aan gelopen, van partner gewisseld. In de muziek kan dit uitgedrukt worden in de canon (achter elkaar aan), of het wisselen van stem. Samen gaan gaat mooi in tertsafstand.
The Locke Consort is een gerenommeerd, internationaal samengesteld kwartet van musici afkomstig uit Engeland, Nederland, Duitsland en de Verenigde Staten. Haar spelers, John Willson Meyer en Mimi Mitchell, viool, Susanne Braumann, viola da gamba en Fred Jacobs, theorbe, spelen in de bezetting van het zogenaamde ‘broken consort’, gemodelleerd naar het ensemble dat de naamgever van het kwartet, de Engelse componist Matthew Locke (1661-1677), gebruikte aan het hof van koning Charles II. The Locke Consort, opgericht in 1985, is gespecialiseerd in de interpretatie van de 17e eeuwse Engelse muziek. Het kreeg diverse prijzen en onderscheidingen en speelde op alle belangrijke podia voor oude muziek in Europa en de Verenigde Staten. The Locke Consort speelde verder een sleutelrol in de William en Mary-herdenking tijdens het Purcell-jaar 1995. Het ensemble maakte een aantal opnames met muziek van o.m. Purcell, Locke en Jenkins. Onlangs heeft het ensemble een nieuwe cd-opname gemaakt van de muziek voor broken consort van Matthew Locke. Deze dubbel-cd zal naar verwachting eind van dit jaar uitkomen, bij het Britse label Metronome. Hun eerder verschenen opname met de suites van Locke werd met een Gramophone Award bekroond.
Het programma neemt de grillige componist Byrd als uitgangspunt en probeert zijn levendigheid, genialiteit en virtuositeit via improvisaties in een caleidoscopische diamant van Byrds muziek te laten zien.
William Byrd (1540-1623) wordt gezien als de belangrijkste componist van zijn generatie. Hij had ondanks zijn (min of meer verboden) Katholicisme sterke banden met Koningin Elizabeth en zelfs een print monopolie.
Hij experimenteerde met alle genres die in die tijd in gebruik waren en is daarom bij uitstek geschikt als inspiratiebron.
Improviseren was als een 2e natuur voor musici in de Renaissance. Veel van het instrumentale repertoire bestond uit bekende liederen en dansen. De populaire melodieen had iedereen in zijn oor en werden gebruikt om anderen de loef af te steken met hun improvisatorische flights of fancy.
Het Scroll Ensemble bestaat uit de volgende musici:James Hewitt - BarokvioolRobert de Bree - BlokfluitIason Marmaras - Orgel/ BaritonSarah Ridy - Barokharp
Bangers & Mash is begin jaren 90 geformeerd.
De band heeft haar naam te danken aan het gelijknamige Engelse gerecht; het is makkelijk te maken en heel erg voedzaam. Tristan, uit de televisieserie met dr James Herriot, waar Jeroen een groot fan van is, maakte altijd dit gerecht als het zijn kookbeurt was. Bangers zijn 3 worstjes en Mash is de aardappelpuree.
Onze grote hobby is muziek maken en dat doen we allemaal al sinds mensenheugenis. We waren lid van diverse andere bands. Hoewel we verschillende soorten muziek spelen en speelden, hebben we er één gemeenschappelijk: de Ierse Folk. Niet verwonderlijk dus, dat de Ierse folk een groot deel van ons repertoire bestrijkt. Natuurlijk spelen we de bekende Ierse krakers als The Wild Rover, The Black Velvet Band en Whiskey In The Jar, maar daarnaast is er voldoende ruimte voor mooie ballades. Naast Ierse en Schotse folkmuziek spelen we ook een aantal "gouwe ouwe", enkele Nederlands liedjes en "last but not least" schrijven we ook zelf muziek; u zult er enige stukken van horen als u naar een optreden komt of luistert naar een van onze cd's Addiction of Dirty Dishes.
Als twee rasmusici als Johannette Zomer en Fred Jacobs bij elkaar komen, is spektakel gegarandeerd. Spektakel op de vierkante millimeter wel te verstaan, want het instrumentarium en Johannette’s stem staan garant voor intimiteit en warmte.
Het repertoire van de Nederlandse sopraan Johannette Zomer reikt van Middeleeuwen tot en met twintigste eeuw. Ze werkte met barokspecialisten als Herreweghe, Koopman, Brüggen, Jacobs en McCreesh, maar ook met dirigenten als Nagano, Ivan Fischer, Harding, Gergiev, Reinbert de Leeuw en Eötvös. Verder geeft ze regelmatig recitals met fortepianist Arthur Schoonderwoerd. Johannette maakte haar operadebuut bij de Nationale Reisopera. Sindsdien zong zij rollen als Belinda, Pamina en Euridice, maar ook Mélisande en Amanda in Ligeti’s Le Grand Macabre. Regelmatig verleent zij medewerking aan CD-opnamen, allen zeer goed ontvangen in de pers en met prijzen onderscheiden. Recent zong ze bij het Mozarteum Orchester Salzburg onder leiding van Ivor Bolton en met Concerto Köln. In 2009 maakte Johannette haar debuut bij de Nederlandse Opera in Ercole Amante van Cavalli.
Fred Jacobs studeerde luit en theorbe bij Anthony Bailes aan het Sweelinck Conservatorium. Hij is lid en medeoprichter van The Locke Consort, dat naam maakte op het gebied van zeventiende eeuwse Engelse kamermuziek. Daarnaast is hij continuospeler bij The Gabrieli Consort and Players, The Parley of Instruments en het barokorkest van de Nederlandse Bachvereniging. Fred treedt regelmatig op als begeleider van zangers als Michael Chance en Maarten Koningsberger. Hij speelde op alle belangrijke festivals voor oude muziek en in operaproducties in Londen, München, Parijs, Amsterdam en Florence. Hij werkte met dirigenten als Leonhardt, Hogwood, Robert King, Brüggen, van Immerseel, Parrot en Bolton en is te horen op talrijke CD-opnamen.
Pianiste Mirjam Karres en dichter Bas Belleman wisselen elkaar af met pianomuziek van Ravel en sonnetten van Shakespeare.
Ook al liggen er eeuwen tussen hen, soms lijken Ravel en Shakespeare elkaar een blik toe te werpen. Wie de muziek van Ravel hoort en de sonnetten van Shakespeare leest, merkt al snel hoezeer ze overeenkomen in timbre, virtuositeit, tragiek en moed.
In dit programma speelt pianiste Mirjam Karres de Valses Nobles et Sentimentales (1911), een serie korte, afwisselende muziekstukken: soms klinken ze verleidelijk, dan weer bitter, soms vitaal, dan weer gekrenkt, soms melancholisch, dan weer vrolijk - maar altijd elegant.
In antwoord op die muziek leest dichter Bas Belleman in zijn nieuwe vertaling sonnetten van William Shakespeare. Die komen uit de reeks gedichten voor de Donkere Dame. Deze 'dame' is vals, hartvochtig en promiscue en Shakespeare kan maar niet geloven dat hij voor haar charmes valt. Met open ogen stort hij zich in het ongeluk.
Daarna speelt Karres pianostukken van Chopin, Debussy en Mompou en leest Belleman daarbij eigen gedichten.
De beroemde franse componisten Marin Marais, Antoine Forqueray, François Couperin en Charles Dollé schreven prachtige werken om hun achting voor elkaar te laten blijken; Zo componeerden zij muzikale ‘grafschriften’ naar aanleiding van het overlijden van een geliefde collega of leraar ("Tombeau pour Marais le Père" - Dollé / "Tombeau pour Mr de Lully" - Marais), maar ook echte Hommages uit pure verering van een collega-componist ("la Superbe ou La Forqueray" - Couperin / "La Leclair", "La Rameau" - Forqueray) etcetera. Kortom Een programma vol verering, grandeur en droevenis.
Mieneke van der Velden studeerde viola da gamba bij Jaap ter Linden, Anneke Pols en Wieland Kuijken, en sloot in 1988 haar studie af met het einddiploma Uitvoerend Musicus aan het Koninklijk Conservatorium van Den Haag. Zij heeft een veelzijdige carriere opgebouwd, en treedt regelmatig op met Glen Wilson (clavecimbel) en Fred Jacobs (theorbe), en met haar ensemble L'Armonia Sonora. Zij werd uitgenodigd voor recitals in onder andere 'Tage der alte Musik', Berlijn, 'Holland Festival Oude Muziek', Utrecht, Grachtenfestival, Amsterdam, 'Vantaa Baroque Week', Helsinki, Festival 'Aqua Musica', Amsterdam. Zij verleende haar medewerking aan het programma “de Kunst van het Luisteren” met een solo-programma in o.a. de Kleine Zaal van het Concertgebouw, Amsterdam en Muziekcentrum Vredenburg, Utrecht. Daarnaast speelt zij regelmatig solistische partijen in grotere oratoria, zoals de Johannes- en Matthäus Passion (Nederlandse Bachvereniging o.l.v. onder andere Jos van Veldhoven, Gustav Leonhardt, Sigiswald Kuijken en René Jacobs, Collegium Vocale o.l.v. Philippe Herreweghe, Concerto Köln o.l.v. René Jacobs, Anima Eterna o.l.v. Jos van Immerseel). In de afgelopen jaren speelde zij onder andere de solopartijen in Bach's Trauerode o.l.v. Philippe Herreweghe, Handels "La Resurrezione" o.l.v. Ton Koopman, Telemann- en Bruhns-cantates o.l.v. Konrad Junghänel (Cantus Cölln).Glen Wilson begon zijn muziekstudies aan de Juilliard School in New York. Hij vertrok vervolgens naar Nederland waar hij van 1971 tot 1975 studeerde bij Gustav Leonhardt. Hij werd in 1975 de klavecinist van het Nederlands Kamerorkest. In 1980 werd hij Tweede prijs in het internationaal klavecimbelconcours in het kader van het Festival Musica Antiqua in Brugge en tevens Tweede prijs voor basso continuo. In 1982 begon hij te doceren aan het Conservatorium in Utrecht en gaf hij zich ook volledig aan het doceren tijdens meestercursussen en aan een carrière als soloist of als uitvoerder binnen kamermuziekensembles. In 1988 werd hij docent in de oudste Muziekacademie in Duitsland, die van Würzburg en verhuisde naar Beieren. Wilson heeft in méér dan dertig landen concerten gegeven, op klavecimbel, pianoforte, clavicord en orgel. Hij is samen opgetreden met onder meer Gustav Leonhardt, Emma Kirkby, René Jacobs, Alice Harnoncourt, Max van Egmond, Wieland Kuyken, Michael Chance, met de Nederlandse gambiste Mieneke van der Velden en met de violonist François Fernandez. Hij was lid van de Quadro Hotteterre en stichter van het Amsterdams Fortepiano Trio, samen met Lucy van Dael en Wouter Möller. Hij was jurylid in 1989 en 1992 voor het internationaal klavecimbelconcours in Brugge.
Glen Wilson begon zijn muziekstudies aan de Juilliard School in New York. Hij vertrok vervolgens naar Nederland waar hij van 1971 tot 1975 studeerde bij Gustav Leonhardt. Hij werd in 1975 de klavecinist van het Nederlands Kamerorkest. In 1980 werd hij Tweede prijs in het internationaal klavecimbelconcours in het kader van het Festival Musica Antiqua in Brugge en tevens Tweede prijs voor basso continuo. In 1982 begon hij te doceren aan het Conservatorium in Utrecht en gaf hij zich ook volledig aan het doceren tijdens meestercursussen en aan een carrière als soloist of als uitvoerder binnen kamermuziekensembles. In 1988 werd hij docent in de oudste Muziekacademie in Duitsland, die van Würzburg en verhuisde naar Beieren. Wilson heeft in méér dan dertig landen concerten gegeven, op klavecimbel, pianoforte, clavicord en orgel. Hij is samen opgetreden met onder meer Gustav Leonhardt, Emma Kirkby, René Jacobs, Alice Harnoncourt, Max van Egmond, Wieland Kuyken, Michael Chance, met de Nederlandse gambiste Mieneke van der Velden en met de violonist François Fernandez. Hij was lid van de Quadro Hotteterre en stichter van het Amsterdams Fortepiano Trio, samen met Lucy van Dael en Wouter Möller. Hij was jurylid in 1989 en 1992 voor het internationaal klavecimbelconcours in Brugge.
Johann August Just (1750 – 1791) - Uit Six DivertissemensW.A. Mozart - Sieben Variationen ueber “Willem van Nassau” Amsterdam 1766 KV 25C.F. Ruppe - Wilhelmus van Nassau, varie pour le clavecin ou pianoforte avec l'accompagnement d'un violon (Leiden 179x)C.A. Fodor - Sonate pour le pianoforte accompagne d'un violon op.17 ca. 1805W.A. Mozart (1756 - 1791) - Sonate in e KV 304 (1778)L. van Beethoven (1770-1827) - Sonate in F op. 24 (Frühlings-Sonate)
Onlangs werden er 6 divertimenti gevonden van de Nederlandse componist Johann August Just. Johann Just, die leefde van 1750 tot 1791, werkte aan het hof van Willem V en gaf pianoles aan prinses Wilhelmina. Behalve veel pianowerken voor de prinses schreef hij onder andere 3 opera's, een aantal orkestwerken, pianoconcerten en kamermuziek. De divertimenti die vanavond vermoedelijk voor het eerst sinds meer dan 200 jaar weer zullen klinken, zijn opgedragen aan Wilhelmina's hofdame Cornelia van Ayva. Ze zijn geschreven voor piano met begeleiding van een viool.
In deze tijd was het heel gebruikelijk dat de prinses of ook in de gegoede burgerij de dame des huizes aan het klavier begeleid werd door een violist die aan haar zijde zat en van haar partituur mee las. Tegenwoordig zijn we erg verrast door het feit dat de pianopartij in deze stukken zo'n hoofdrol heeft. In later tijden werd immers de violist de belangrijkste; de virtuoos die door een paar akkoorden begeleid werd door de piano. Het genre was zo populair dat er zelfs advertenties bewaard zijn gebleven waarin gevraagd werd naar bediendes, die ook “de viool ter hand konden nemen”! Sommige klaviersonates konden ook naar keuze begeleid worden door een cello. Zo zat de dame dus met aan haar rechterzijde een violist en aan haar linker kant een cellist. Voor de cello bestaat vaak geen aparte partij. Die las gewoon gezellig naast haar van haar partituur de bas noten mee.
De begeleide klaviersonates worden vrijwel nooit uitgevoerd, maar zijn een heel interessant genre. Lange tijd zijn ze wellicht niet begrepen omdat zowel de musici als het publiek gewend waren vooral te luisteren naar de vioolpartij. Zo vormden ook bijvoorbeeld de vroege vioolsonates van Mozart lange tijd een probleem voor musici. Hij noemde ze zelf geen “Vioolsonates” maar “Sonaten fur Klavier und Violine”. De eerste sonates zijn nog echt geschreven als begeleide klaviersonate, maar langzamerhand wordt de partij van de viool steeds interessanter. In de Sonate in e die vanavond op het programma staat zijn beide partijen gelijkwaardig.Ook de Fantasiesonate van C.P.E. Bach, “Fur Klavier und Violine” is een begeleide klaviersonate. Er is een uitgeschreven vioolpartij, maar Bach schreef ook een versie van het stuk zonder viool en die verschilt maar weinig. Bach gaf het de bijnaam “Empfindungen”. Het is een heel bijzonder stuk met een intens droevig begin en een dansante zeer vrolijk einde. Bach neemt de luisteraar mee op een soort gevoelsreis. De vioolpartij vult de piano nu eens aan, dan weer is zij ondersteunend, becommentariërend en een enkele keer neemt zij het initiatief. Een totaal andere manier van luisteren en spelen.
BatailleDe Grande Bataille werd gevonden in het Koninklijk Huisarchief en het is zeer annemelijk dat de prinses en Cornelia bij de uitvoering aanwezig waren. Of het speciaal voor de koninlijke familie geschreven werd, of dat de familie het gewoon een leuk stuk vond en het daarom kocht of kreeg is niet bekend. Ook niet wie het stuk schreef. Misschien was het Just? Gezien de stijl zou het kunnen.
Het stuk beeld een veldslag uit, de luisteraar hoort donderende kanonnen, het jammeren van de gewonden, rollend vuur en trompetgeschal. Het publiek was dol op dit soort stukken in de tijd van Willem V. Zo dol zelfs dat pianobouwers aan het begin van de 19e eeuw piano's gingen bouwen waarop aparte pedalen zaten die een trom konden doen slaan, (voor de kanonnen) en schellen doen rinkelen. De schellen waren bovendien erg geschikt voor het spelen van Turkse muziek, een andere grote mode in die tijd. Componisten hadden via de Turkse legers kennis gemaakt met Turkse muziek en vonden dit heel exotisch. Mozarts bekende Turkse Mars is hier een goed voorbeeld van en ook in deze Bataille zit een stukje Turkse mars.
Ensemble Luci Serene zal ten tweede male een bijzondere Stabat Mater uitvoeren in de Slotkapel. Welk Stabat Mater het zal worden houden we nog even geheim, maar het beloofd een bijzondere avonde te worden
De harp is tegelijkertijd een van de oudste en nieuwste instrumenten ter wereld. Waar de harp lange tijd beperkt was in zijn mogelijkheden, zorgde de dubbelpedaalharp van de Franse instrumentenbouwer Sebastian Erard in 1810 voor een ware revolutie. Deze vroegromantische harp wordt op het podium maar zelden gecombineerd met de fortepiano, hoewel er heel wat prachtige werken voor deze combinatie bestaan. In de opvoeding van dames van goede komaf rond 1800 speelde de harp een grote rol. Vaak leerden de jongedames zichzelf te begeleiden bij het zingen op de harp of de fortepiano. De ontluikende romantiek vond een zielsverwant in de delicate harp: de gevoelige kant van de romantiek ontwikkelde zich als een tweede spoor naast de spectaculaire virtuozen die triomfen vierden op de grote podia van Europa.Joh. Ladislaus Dussek Duett for the harp & fortepiano nr. 2 in Es, C. 239Franz Schubert Adagio en Rondo Concertante in F voor pianokwartet, D. 487Louis Spohr Variaties op "Je suis encore dans mon printemps" op. 36Joh. Nepomuk Hummel Pianotrio in Es, op. 93Ferdinand Ries Grand Quintor in g min. op. 142 voor harp, fortepiano en strijkersRemy van Kesteren, harpIgor Ruhadze, vioolBernadette Verhagen, altvioolJob ter Haar, celloBart van Oort, fortepiano
25 jaar Ensemble SchönbrunnEen voor het jubilerende ensemble kenmerkend programma met werken van bekende, Haydn, en onbekende meesters, Friedrich Hartmann Graf en Anton Reicha.Prachtige klassieke en vroeg romantische trio's opgegraven door fluitist Marten Root.Ensemble SchönbrunnMarten Root traversoJohannes Leertouwer vioolViola de Hoog cello
"...In het Schönbrunn Ensemble komen al 25 jaar lang zulke formidabele spelers samen: bevlogen, fanatiek, met een groot hart en een grondige kennis, wars van routine en nooit bang voor avontuur. Altijd grondig voorbereid maar tegelijkertijd altijd bereid om het gevoel een ereplaats te geven. Bach en vele andere componisten hebben ze nodig." - Jos van Veldhoven t.g.v. het 25 jarig jubileum